Macht? Wij?

Het gaat de laatste tijd veel over tegenmacht en het belang daarvan. Over hoe de lokale tegenstem zou moeten worden gekoesterd bijvoorbeeld (Parool, 2021) of dat je burgers een tegenstem zou moeten geven (Trouw, 2021).  Tegenmacht wordt dan in één adem genoemd met vertrouwen. De overheid moet het vertrouwen terugwinnen door beter te luisteren naar tegenspraak of tegenstemmen.

Macht is een relatief fenomeen. Er zijn altijd wel weer mensen of organisaties aan te wijzen met nóg meer macht. Dat hoor ik vaak terug van ambtenaren. Die wijzen dan naar een organisatie of instantie met nog meer macht. Die zijn er natuurlijk altijd. Maar voor diegenen die met jouw organisatie te maken krijgen doet dat er niet toe. Wijs niet naar andere, nog machtigere, organisaties maar kijk zelf in de spiegel! Het zou prachtig zijn als alleen al dit besef breder zou indalen en zou leiden tot een grotere bescheidenheid en een groter verantwoordelijkheidsbesef.

Want dat het belang van tegenspraak wordt onderkend is mooi. Maar je kunt niet aan de slag met tegenmacht als je niet eerlijk bent over macht. Als je niet inziet dat jouw semipublieke organisatie, of dat nou een ministerie of een gemeente, een uitvoeringsorganisatie of een ziekenhuis is, vanuit een relatieve machtspositie werkt, dan zal je niet begrijpen hoe je met tegengeluiden om moet gaan.

Zelden spreekt men serieus over de eigen macht. Als je begint over ‘macht’, wordt er gegniffeld of weggekeken. Macht wordt geassocieerd met andere sectoren en andere situaties. ‘Nee, bij ons gaat het om gezag’. Veel (semi-)ambtenaren die ik spreek zien zichzelf juist als machteloos. Ze hebben het te druk, er worden onmogelijke dingen van ze gevraagd, hun organisaties komen negatief in het nieuws of ze krijgen (indirect) te maken met lelijk, of zelfs agressief, gedrag van burgers.

Onrealistisch en gevaarlijk

Op individueel niveau heb ik begrip voor zulke gevoelens van machteloosheid. Ik kan me voorstellen dat allerlei vormen van druk het lastig kunnen maken om je werk goed uit te voeren. Leidinggevenden moeten zulke signalen serieus nemen en werknemers helpen om te werken aan gunstigere randvoorwaarden. Tegelijkertijd vind ik het schrikbarend dat zoveel mensen, en organisaties, zich niet bewust lijken van de machtspositie waarin ze zich bevinden. Sterker nog, ik vind het gevaarlijk, want bij een goede inzet van macht hoort zelfreflectie.

Macht is niet voorbehouden aan de rechterlijke macht of organisaties met een geweldsmonopolie. Nee, als je aan de slag wil met tegenmacht dan moet je het breder en subtieler gaan zien. Macht is ook: als je kunt bepalen of er naar iemand geluisterd wordt, als je invloed kunt uitoefenen of signalen wel of niet worden doorgespeeld, of als je toegang hebt tot escalatiemogelijkheden waar de ander geen, of lastiger toegang toe heeft. Bijvoorbeeld omdat die er alleen voor staat of omdat ze hem teveel privétijd, -geld of -energie kosten.

Leren van klachten

Macht kan onzichtbaar worden voor diegenen die er dichtbij zitten. Daarom is het zo belangrijk dat organisaties leren luisteren naar buitenstaanders. Zij voelen, ervaren of zien het namelijk wel, zelfs als ze het lastig vinden om het onder woorden te brengen. Dit is ook waarom ik denk dat er, naast zorg voor de werknemers die met onprettig, of zelfs agressief  in aanraking komen, meer aandacht moet zijn voor de achterliggende redenen voor agressie tegen ambtenaren.

Klachten zijn een belangrijke vorm waarin inzichten over macht en machtsmisbruik naar je toe kunnen komen. Niet altijd op een leuke of hapklare manier. Het kan lastig en ongemakkelijk zijn. Maar de verantwoordelijkheid om met dit soort signalen aan de slag te gaan ligt bij de ontvangers met macht, de (semi-)publieke organisaties zelf.

Er is goed nieuws. Leren van klachten wordt inspirerender en leuker als je nieuwsgieriger kunt worden naar de lessen die in klachten verstopt zitten. In ons boek Volgende keer beter! Leren van klachten over je organisatie geven Yvonne van der Vlugt en ik ideeën over hoe je het leren van klachten vorm kunt geven en wat daarbij belangrijk is. Als je leert van klachten werk je productief aan tegenmacht en neem je de eigen macht serieus.

Gebruikte referenties:

‘Beter omgaan met burgers begint bij koesteren lokale tegenstem’ door  Scott Douglas & Arre Zuurmond in het Parool

‘Geef de burger nu echt zeggenschap’ door Bert Blase in Trouw